Echtscheiding/Relatiebreuk

Als u in een huurhuis woont, blijft u dat waarschijnlijk ook na de scheiding huren. Wie er dan blijft wonen, mag u zelf bepalen. U heeft als u getrouwd bent allebei evenveel recht op de woning. Het maakt dan niet uit of u getrouwd bent in gemeenschap van goederen, op huwelijkse voorwaarden of een geregistreerd partnerschap bent aangegaan.

Wie er blijft wonen, bepaalt u in eerste instantie zelf. Komt u er samen niet uit, dan kunt u het aan een rechter voorleggen. Als u en uw partner kinderen hebben, is er een grote kans dat de rechter het huis toewijst aan degene bij wie de kinderen meer dan de helft van de tijd wonen. Als er geen kinderen zijn, maakt de rechter een belangenafweging. De rechter kijkt dan naar wat een eerlijke beslissing is. Voor de rechter maakt het niet uit of u een hoofdhuurder of een medehuurder bent.

Bij echtscheiding of relatiebreuk kunt u onder bepaalde voorwaarden in aanmerking komen voor extra inschrijfduur. Voor meer informatie hierover kijkt u op de website van Woning in Zicht.

Overlijden

Als een huurder komt te overlijden dan:

  • wordt degene die als medehuurder de huurovereenkomst heeft ondertekend automatisch hoofdhuurder en kan dus gewoon blijven wonen;
  • heeft degene die met de hoofdhuurder een duurzame, aantoonbare gemeenschappelijke huishouding voerde, recht op voortzetting van de huurovereenkomst. Daar worden wel voorwaarden aan gesteld. Die zijn in de wet en rechtelijke uitspraken geregeld. Bij echtparen en bij geregistreerd partnerschap wordt daar automatisch aan voldaan.
  • kunnen inwonende kinderen veelal niet in de woning blijven wonen. Bij een verschil van mening hierover oordeelt de rechter. Er is een maximale periode van zes maanden waarin de huur kan voortduren, op aanvraag bespreekbaar.

Tevens is er de mogelijkheid de huur op te zeggen als de hoofdhuurder overlijdt. Mocht zich dit voordoen dan kunt u dit doen middels het huuropzeggingsformulier.